ADVIES ENERGIEKOSTEN

ONGEVRAAGD ADVIES INZAKE ONEVENREDIGE STIJGING ENERGIELASTEN AMSTERDAMSE MINIMA-INKOMENS

 

Aanleiding

De overheid wenst dat niet alleen de Amsterdammer zuiniger en efficiënter omgaat met energie. Daarom heft de overheid specifieke bijdragen, belastingen en heffingen over het verbruik en de levering van energie. Door deze maatregelen wordt de totaalprijs van energiekosten telkens hoger.In theorie zouden deze hogere energiekosten de Amsterdammers kunnen stimuleren om minder -of andere- energie te gebruiken, maar de meeste Amsterdammers hebben hierin geen keus. Zij worden geconfronteerd met willekeurig stijgende energielasten. Dit nog los van de verhoging van de BTW op de primaire levensbehoeften, de jaarlijkse huurverhoging, de verhoging van de erfpacht en onroerende zaak belasting, de verhoging van de waterschapsbelastingen, de verhoging van de afvalstoffenverwijderingsbijdragen en de stijging van diverse andere heffingen en belastingen. Dit naast de jaar op jaar stijgende kosten van de verplichte ziektekostenverzekering, het verplichte eigen risico en de verplichte eigen (WMO-)bijdragen. Deze lijst is niet uitputtend.

 

Overwegingen

Amsterdam kent circa 50.000 inwoners in ‘energie-armoede’ (Bron: Stad met uitzicht ; Beleidskader armoede en schulden 2019-2022). Zij zijn meer dan 10% van hun netto-inkomen kwijt aan energie. De Participatieraad vermoedt dat het werkelijke aantal een stuk hoger ligt. Uit onderzoek van het Centraal Planbureau, het Sociaal en Cultureel Planbureau en de gemeentelijke dienst Onderzoek, Informatie en Statistiek blijkt dat de stapeling van stijging van algemene kosten de levensstandaard van met name de lagere inkomensgroepen structureel ondermijnt, hun werk- en inkomenszekerheid nog daargelaten.

De Participatieraad onderschrijft de noodzaak tot ingrijpend milieubeleid, maar ziet de rekening hiervan vooralsnog onjuist geadresseerd. De Participatieraad constateert dat het al ingezette landelijke Klimaatwijzigingsbeleid directe gevolgen heeft voor de koopkracht van met name de Amsterdamse huishoudens die nauwelijks meer inkomen dan de beslagvrije voet te besteden hebben. De stad Amsterdam ziet zichzelf als vooruitstrevend op het gebied van sociaal beleid, duurzaamheid, hernieuwbaarheid en energieneutraalheid, maar doet tot op heden weinig aan de directe ondersteuning in de energietransitie voor haar hurende inwoners. De recente verhoging van de energiebelastingen met gemiddeld 360 euro per jaar is voor veel Amsterdammers opnieuw een duw richting duurzame armoede. Daarnaast is een Amsterdammer met een huurwoning in eerste instantie afhankelijk van zijn verhuurder/woningcorporatie om die woning daadwerkelijk duurzamer te maken. Ook dit leidt tot kostenverhogingen.De participatieraad redeneert als volgt.Het rijk compenseert al huishoudens met een koophuis die hun woning willen verduurzamen. Als bedrijven, maatschappelijke instellingen, energiecoöperaties, VvE’s of bewonersgroepen gebruik kunnen maken van een voordelige lening (1,5 tot 2% rente) van het Duurzaamheidsfonds van de Gemeente Amsterdam, waarom dan de huurders met een minimuminkomen niet gecompenseerd in de energietransitiekosten?

 

Advies

Om Amsterdammers met een minimuminkomen in de voortschrijdende hogere energie(transitie)kosten tegemoet te komen adviseert de Participatieraad hen een energietoeslag (duurzaamheidstoeslag) toe te kennen. Deze toeslag bedraagt minimaal 30 euro per maand voor een alleenstaande en minimaal 50 euro per maand voor andere huishoudens, voorzover het inkomen van deze groepen de 120% van het minimum inkomen niet te boven gaat (prijspijl 1 januari 2019; jaarlijks  aan te passen).

Als vastgesteld in de plenaire vergadering van 12 juli 2019. De Participatieraad, werkgroep Inkomen, voor deze,

Sacha van Oeveren

Martie Janssen